
Tussen een groepje arme mensen staat een net iets grotere, net iets gezondere en net iets blankere Nederlandse vent. Het is het beeld dat je vaak ziet van zendelingen. Mensen die hun leven opgeven voor het verspreiden van het geloof, vaak in ontwikkelingslanden. Wat je er ook van denkt, zending is zo oud als het christendom. Vandaag op Staat Geschreven de tekst waarin de eerste zendelingen uitgezonden worden, naar het volk Israël. Als gasttheoloog verwelkomen we Egbert Oppenhuizen. Hij is hoofd producten, innovatie en training bij Youth for Christ Nederland en initiatiefnemer van Broedgebied. Egbert geeft vandaag commentaar op de Bijbeltekst, samen met Jaap.
Mattheus 10:5-8 “Deze twaalf zond Jezus uit, en hij gaf hun de volgende instructies: ‘Sla niet de weg naar de heidenen in en bezoek geen Samaritaanse stad. Ga liever op zoek naar de verloren schapen van het volk van Israël. Ga op weg en verkondig: “Het koninkrijk van de hemel is nabij.” Genees zieken, wek doden op, maak mensen die aan huidvraat lijden rein en drijf demonen uit. Om niet hebben jullie ontvangen, om niet moeten jullie geven!”
Twaalf beginnelingen
Jezus geeft duidelijk de focus in deze fase van zijn leven aan: het Joodse volk de goede boodschap van het koninkrijk van God vertellen. Dat die focus serieus was, kun je verderop lezen. Steek geen energie in de steden die het niet willen horen. Schud het stof van je voeten en loop door in de volle overtuiging dat God dit verder zal oppakken. Een focus die zijn leerlingen ook helpt.
Ze krijgen nogal een opdracht. Het verkondigen is één ding, maar ze krijgen ook de volmacht om te leven volgens de wetten van het Koninkrijk: zieken worden gezond, doden leven, uitschot wordt rein en het kwaad wijkt. Ik kan me voorstellen dat het voor die twaalf beginnelingen al genoeg was om dit ‘uit te proberen’ in een context die ze zelf een beetje kenden…
Eerst de Jood, dan de Griek
Jezus stuurt twaalf apostelen in training, een duidelijke verwijzing naar het diep gewortelde geloof van de mensen uit Jezus’ tijd dat God de vernieuwing door Israel en haar twaalf stammen zou realiseren. Maar waarom geeft Jezus dan eerst deze instructie en verbreedt deze na de opstanding in het ‘zendingsbevel’? Israel moet de kans en de tijd hebben gekregen om zich om te keren.
Tot nu toe kwamen de heidenen wel uit eigen initiatief. Als Jezus en zijn apostelen in deze fase de boodschap al actief naar de heidenen hadden gebracht dan had de boodschap afgedaan voor elke zichzelf respecterende Jood. Het had dan precies onderstreept wat de vijanden van Jezus al zeiden: Hij staat aan de kant van de duivel. Deze tekst is geen exclusieve benadering van Jezus, maar een eerste training van zijn apostelen (in vers 2 voor het eerst zo genoemd door Mattheus). Een focus die in lijn ligt met zijn tijd en omgeving en een gepassioneerde overtuiging dat Israel deel uit maakt van het goede nieuws.
De komst van het koninkrijk
De twaalf discipelen krijgen de opdracht om de komst van het koninkrijk van de hemel te verkondigen. Daar horen bepaalde tekenen bij, die je kunt lezen in het Bijbelgedeelte uit Mattheus. Misschien denk je dat deze opdracht even één op één overgezet kan worden naar 2010. Niet dus.
"Het koninkrijk van de hemel is nabij." Blijkbaar was die verwachting toen actueel. Het woordje ‘nabij’ betekent niet: over 2000 jaar. De wonderen die genoemd worden horen bij de komst van dat koninkrijk. Volgens sommigen is dat koninkrijk er nu, onder de christenen. Ik zie er helaas niets van.
Onze opdracht
De mislukte genezingen zijn nog niet geweest of je hoort over een mislukte dodenopwekking, om nog maar te zwijgen over de brakke toneelstukjes van bezeten mensen. Slechte reclame noem ik dit. Jezus kwam om te dienen, wij hebben meegekregen onze naaste lief te hebben, de ander hoger in te schatten dan onszelf. Waarom worden we dolenthousiast van verhalen over genezing, maar zijn we te lui om onze naaste te helpen?
Je leven aan Jezus geven door je hand op te steken tijdens een dienst is prima, maar kunnen we niet beter de opdracht van Jezus serieus nemen? Erik Velema zei het onlangs nog tegen mij: "Christenen moeten hun buurman helpen met het verwisselen van een lekke band." Dát is christendom en tegelijkertijd evangelisatie. Daar zou een christen enthousiast van moeten worden! "Om niet hebben jullie ontvangen, om niet moeten jullie geven!"


wow, je hebt me gequoted (schrijf ik dat zo?)!
ik wil echter benadrukken dat ik wel geloof in genezing. ik weet uit persoonlijke ervaring dat God kan genezen en het ook vaak doet. helaas is er een hoop, laat ik het mystiek noemen, mystiek omtrent geloven. niet dat het allemaal zo’n mystiek gebeuren is, maar we creeëren het. zelfs voorgangers die een ssort van pastorale rol hebben toegewezen gekregen maken van genezingen vaak iets aparts. en alten we eerlijk wezen als we de verhalen horen is het ook vaak iets aparts, tegelijk deed Jezus echter of ze de gewoonste zaak van de wereld waren. en dat zijn ze in wezen ook als we werkelijk geloven dat God herstel kan geven. helaas word t er vaak op de een of andere manier verkeerd mee om gegaan en gezegd dat iemand onvoldoende zou geloven of niet zou beantwoorden aan Gods eisen. bha … wat een hekel heb ik aan dat soort uitspraken. alsof God verschil zou hebben in zijn kinderen en de een meer lief zou hebben als de ander.
tegelijk begrijp ik bepaalde dingen ook weer wel. we willen als mens graag antwoorden geven op vragen en dus,,, verzinnen we ze maar of toveren er een uit de Bijbel met een bepaalde interpretatie. Ik geloof dat God van ons allen houdt en ons allen het beste wil geven en dat ook doet. om nu ff terug te keren naar het evangelisten, zendingverhaal: wat zou het mooi zijn als we gewoon zouden
durven bidden voor mensen. mensen die vast zitten in het leven, mensen die ziek zijn, die gewoon moete hebben, maar wat is het inderdaad geweldig als gewoon iemand kunnen helpen die het zelf niet kan. boodschapjes, tuintje onderhouden, spoijker in de muur. gewone kleine dingetjes. zo kreeg ik onlangs van een kerk uit de buurt. niet de kerk waar ik jaren heb gekerkt of de kerk waar ik nu ga, maar een totaal andere kerk een bakje met fruit. iemand had mijn naam doorgegeven omdat ik ziek was. dat doet mij persoonlijk meer dan iemand die zegt voor me te zullen bidden. gewoon praktich. echt om de ander denken. geweldig vind ik dat.
groet erik velema
Wonderen gebeuren eenmaal, en niet alleen onder gelovigen.
Gebedsgenezingen etc is kolder.
Net of God op bestelling iemand van zijn kanker verlost.
Wonderbaarlijk genezen is berust op toeval, het is maar net hoe je het wil zien.
Die duizenden keren dat gebedsgenezingen niet hebben gewerkt worden vergeten als dat ene toevallige wondertje gebeurt.
Kan iemand zich mijn verhaal over het aandeel van de duivel binnen religie nog herrineren?
Op het moment mensen voor het zootje worden gehouden met dat soort genezingskolder viert hij groot feest.
Jaap je hebt mijn stem…
ik wil toch nog een reactie geven. ik geloof net als @Jan dijkema niet in gebedsgenezingen, ik geloof echter welin genezing op gebed. heb het meerder malen gezien en meegemaakt. geen spectaculaire gebeurtenissen. geen mystice situaties, maar gewoon veranderingen. herstel op zowel geestelijk als lichamelijk gebied. dit is een nuance die duidelijk gemakt moet worden. wanneer we van alles bidden en afroepen om de mens te herstellen, staat de mens centraal, maar waar God central staat daar doet God iets met mensen. waar de mens centraal staat doet de mens iets met mensen. is een totaal andere uitgangspunt en het effect is ook anders.
Genezingen gebeuren aan de lopende band.
Paulus verwoordt het in 1 Corinthiërs 3:6 als volgt:
Ik heb geplant, Apollos heeft begoten , maar God gaf de wasdom.
de huisarts constateert dat er “iets” met je nier niet goed is,
Via een MRI-scan (uitgevonden door een Chistelijke wetenschapper, die in een jonge aarde gelooft!!) wordt er aangetoond, dat er een tumor zit;
de chirurg verwijdert je nier (inclusief de tumor)
en naait alles weer aan elkaar
de zustertjes verzorgen je liefdevol
en, ……………..
je broeders en zusters bidden voor genezing,
en, ………………………….
God geeft de genezing.
Wij zien helemaal niet meer dat God doorlopend wonderen verricht, ook anno 2011.
Ten eerste wil ik zeggen dat genezingen vandaag de dag nog steeds plaats vinden. Ikzelf zou hier niet meer op dit toetsenbord typen als het niet was door een wonder van gebedsgenezing. Niet een genezing binnen een setting als die bij Jan Zijlstra (vind ik overigens ook prima!), maar door een voltallige gemeente die in gebed heeft gestreden toen ik ten dode was opgeschreven 3,5 jaar geleden in het LUMC (gecompliceerde alvleesklier infectie die al mijn ingewanden aan het verpulveren was). De chirurgen hadden tegen mijn vrouw gezegd dat er nog hooguit 5% kans was dat ik het zou overleven… Later zeiden ze dat zelfs dat zwaar overdreven was – ze hadden me eigenlijk helemaal opgegeven. Toch was ik na 2 maanden IC en 6 maanden LUMC toch weer terug in het land der levenden.
Meerdere chirurgen hebben mij naderhand gemeld dat het werkelijk wonderbaarlijk is dat ik hier door heen gekomen ben. Eén van de chirurgen zei dat, los van de multiple complities die ik had waar ze geen oplossing voor wisten, had ik een gat ter grote van een 2 Euro munt in mijn twaalfvingerige darm, die tegen de alvleesklier aan ligt, waar ze niet bij konden komen. Dus het was hopen en bidden dat het uit zichzelf zou herstellen. Hij zie “dit was hopen tegen beter weten in…, want dat is gelijk aan het afsnijden van een staart van een poes en die moet dan uit zichzelf weer aangroeien… en we weten, dat gebeurt niet…
Maar, dat gebeurde wel bij u…”. Toen ik bij ontslag uit het ziekenhuis de (overigens niet gelovige) chirurg bedankte zei hij: “ik heb misschien 20% van het alles gedaan (gelukkig maar!, vind ik), maar die overige 80% is voor mij echt een wonder!”
Maar goed, net als de Bijbel, brengen dit soort dingen mensen niet tot geloof.
Daarentegen moet ik zeggen dat ik (achteraf uiteraard…) kan zeggen dat ik dit niet nog een keer mee zou willen maken, maar…. ik had het ook niet willen missen. Sterker (en ik weet dat klinkt gek…), eigenlijk gun ik het iedereen, want het brengt je tot een relativeren ‘die alle verstand te boven gaat’.
Shalom
Als god geneest, waarom dan geen nieuwe ledemaat na amputatie? Jezus zegt dat voor wie gelooft niets onmogelijk is. Als je het geloof hebt van een mosterdzaadje, dan kan je een berg in zee laten springen. Dan geneest god inderdaad niet, maar de gelovige. Zegt Jezus niet dat je de ware gelovige herkent aan het feit dat de zwaarste giffen hen niet deren en dat ze zieken genezen? Dat u en ik meer zijn dan hem, omdat hij bij de vader is, en wij niet?